O Fortuna, velut luna statu variabilis, semper crescis aut decrescis; vita detestabilis nunc obdurat et tunc curat ludo mentis aciem, egestatem, potestatem dissolvit ut glaciem.
O Fortune, als de maan u veranderlijk, zijn steeds waxen en afnemen; hatelijk leven nu onderdrukt en dan kalmeert als fantasie neemt het, het, de armoede en de macht het hen smelt als ijs.